Kaibobo

De inwoners van Kaibobo zouden vanaf het jaar 1605, het moment dat kasteel Victoria in Ambon veroverd werd, trouw geweest zijn aan de VOC. De compagnie verleende het dorp steun tegen Loehoe, een naburig vijandelijk plaatsje, en kon in ruil daarvoor vrije handel drijven met Kaibobo. Kaibobo was een van de belangrijkste negorijen aan de zuidkust van West-Ceram. In tegenstelling tot het grootste gedeelte van Ambon, bekeerden de inwoners van Kaibobo zich in korte periode tot het christendom. De plaatselijke bevolking voerde diensten uit ten behoeve van de VOC. Beurtelings werd de mannen van Kaibobo 'gevraagd' om op de redoute Zeelandia op het eiland Oma te werken, ongeveer tien personen per maand. Deze diensten waren verschillend, maar meestal bestonden ze uit het bouwen van fortificatiewerken of het aanleveren van materiaal voor de bouw. Rond 1687 werd er in Kaibobo door de VOC een kerk gebouwd, ook met behulp van de lokale bevolking. Kaibobo leverde het hout dat de VOC gebruikte voor het bouwen van palissaden, houten beschuttingen, voor naburige vestigingen. Volgens Pieter van Dam, die rond 1701 de geschiedenis van de VOC beschreef, stond hier een barricade met de naam Den Bosch, gebouwd in 1695.

historische naam

Kaibobo

Caijbobo

Kaibobo

Caybobo

land Indonesia
gebied Seram
functie Post
fort(en) Den Bosch, fort

Literatuur